Aantal bezoekers

mod_vvisit_counterVandaag17
mod_vvisit_counterDeze week446
mod_vvisit_counterDeze maand1504

Binnenkort genieten van:

Excursie Heilooër bos
zo 20 mei van 10:00 - 12:00
Binnenduinen Bergen
zo 27 mei van 10:00 - 12:00
Rekerhout
zo 27 mei van 10:00 - 12:00
Excursie Heilooër bos
zo 17 jun van 10:00 - 12:00

Natuurexcursies van anderen

vogelvaartochten

article thumbnail

Vogel zeil excursies 2012 In samenwerking met Staatsbosb [ ... ]


Meer excursies

    Uit de krant van

    Vlindertuin in de groene Voet

    article thumbnail

      Op 16 en 17 maart 2012 is begonnen met de aanleg v [ ... ]


    Meer artikelen
    Kleine holbewoner

     

    winterkoning_300

     

    Castricum 14 februari 2012

     

    Een tien centimeter klein, gedrongen, roodbruin vogeltje met een opgewipt staartje. Het schiet van links naar rechts door struiken, heggen en andere bosjes. Een heldere zang met vibrerende rollers en trillers. Dan zie je het Winterkoninkje, het op èèn na kleinste vogeltje in Nederland.


     

     

     

     

     

    Het is een algemeen voorkomende vogel omdat ze zich hebben aangepast aan parken, tuinen, bos en open gebieden. Ze houden van een beetje rommelige tuinen met struiken en andere dichte begroeiing. Houtwallen, afdakjes, schuurtjes en stapels haardhout zijn een geliefde plek voor dit kleine beestje.

    Ze leven vaak op verborgen plaatsen, de latijnse naam is Troglodytes, dit betekent "holbewoner'. Ze lijden dan ook een verborgen bestaan.

    Het voedsel bestaat voornamelijk uit spinnen en insecten. Die zijn in de zomer ruim voorradig maar in de winter schaars. Het is dan ook zoeken en zoeken naar een lekker hapje.

    In het voorjaar bouwt de man het nest, niet een, maar soms wel vijf of tien. Dit zijn niet helemaal afgebouwde nesten maar een soort casco's. Bolvormig, gemaakt van dor blad, varens en gras met een rond gaatje er in. Ongeveer een meter boven de grond in heg, houtwal of struik. En dan maar zingen en zingen, tot er een vrouw verschijnt. Hij toont haar alle door hem gebouwde nesten en zij kiest er een uit.

    Dan maakt de man de bekleding van haartjes, pluisjes en veertjes in het nest.

    Na de paring legt de winterkoningin van vijf tot acht wit met roodbruin gespikkelde eitjes in het nest en start het broeden.

    De man begint direct weer te zingen en probeert een andere vrouw te versieren. Lukt dat neemt hij haar mee langs de overgebleven nesten en laat haar er een uitzoeken.

    Bekleding, paring, eitjes en vrouw twee broed.

    Waarna de man weer begint te zingen en te zingen om nòg een vrouw het hof te maken. Lukt dit, laat hij de overige nesten zien, paart, bekleed en vrouw drie broed.

    Hij moet dan wel voor drie gezinnen voedsel zoeken.

    Op het eind van de zomer zingt de winterkoning niet zo helder meer. Er klinkt alleen nog een vermoeid "rrrrrrrrrrrrrrr", "rrrrrrrrrrrrrrr".

     

    Ben Hopman, boswachter.

    Foto: Fred van den Bosch